Back To Top
Normen en richtlijnen

ZEISS producten

Het bekijken waard: ZEISS brillenglazen, coatings en diagnose-instrumenten

Productportfolio

Contact voor opticiens

Contact voor opticiens

Bent u geïnteresseerd in een partnerschap met ZEISS of bent u al klant bij ZEISS en hebt u vragen?

Neem contact op met ons

Topics

  • i.Profiler
  • DuraVision Platinum
  • i.Demo
  • i.Terminal 2
  • Officelens brillenglazen
  • Multifocale brillenglazen
  • i.Scription
  • Unifocale brillenglazen
  • Behandelingen
  • Coatings

Normen en richtlijnen

De normen worden door de DIN-instantie vastgesteld met deelname van verschillende groepen, van openbare overheden tot het bedrijfsleven, de wetenschap en het algemene publiek. De DIN-instantie speelt een belangrijke rol bij het opstellen en publiceren van normen binnen CEN en ISO.

1. Normen

Normen - onontbeerlijk voor oftalmologische producten

Voor het vastleggen van fundamentele technische normen en het bepalen van procedures en begrippen in de optometrie zijn het Deutsche Institut für Normung (DIN), het Europees Comité voor Normalisatie (CEN) en de International Standardisation Organisation (ISO) verantwoordelijk.
Deze instituten verwerken en actualiseren voortdurend de parameters die van wezenlijk belang zijn voor de kwaliteit en internationale uniformiteit in de optometrie.

2. EU-richtlijnen

EU-richtlijnen

EU-richtlijnen en landelijke wetgeving

De Europese Unie
Binnen de Europese Unie dienen goederen ongehinderd hun weg te kunnen gaan en aan fundamentele eisen met betrekking tot veiligheid, geschiktheid en kwaliteit te voldoen. Daarvoor bestaan de EU-richtlijnen die vertaald in de nationale wetgeving van de lidstaten rechtsgeldig zijn.

Normen voor de optometrie
Op het gebied van de optometrie zijn de volgende normen van toepassing:
DIN 5361 voor brillenglazen
DIN EN ISO 14889 voor fundamentele eisen ten aanzien van brillenglazen, DIN EN ISO 8980/1-3 voor de eisen ten aanzien van speciale typen glas, DIN EN ISO 13666 voor oftalmologische begrippen, en de richtlijnen 89/686/EEC voor zonnebrilglazen en 98/42/EEC voor medische producten.

De laatstgenoemde richtlijn is in Duitsland in de Wet op de medische producten neergelegd en behandelt onder andere brillenglazen, brilmonturen, contactlenzen en oftalmologische apparatuur.

Verdere informatieVerdere informatie
SluitenSluiten

3. CE-waarmerking

CE-waarmerking

Waarmerkingsvoorschriften
Producten waarvoor EU-richtlijnen en betreffende normen gelden, zijn sinds 14 juni 1998 onderworpen aan de aanduidingsverplichting door middel van het CE-waarmerk (CE: Communité Européen).
Het CE-waarmerk is een garantie voor de gebruiker dat op de voorgeschreven wijze aan de minimale eis ten aanzien van kwaliteit en veiligheid van het product is voldaan.

CE-waarmerking
Het CE-waarmerk wordt door de fabrikant goed zichtbaar en duurzaam op het product aangebracht, voor zover daarvan niet om functionele redenen, zoals bij brillenglazen, moet worden afgezien. In zulke gevallen wordt het merkteken op de verpakking en gebruiksaanwijzing aangebracht.

Verdere informatieVerdere informatie
SluitenSluiten

4. ZEISS kwaliteit

ZEISS kwaliteit

Zes criteria die ZEISS kwaliteit zo bijzonder maken

Het ZEISS garantiecertificaat dat u van uw opticien ontvangt bij uw nieuwe brillenglazen is het bewijs dat u een hoogwaardig product heeft aangeschaft.

Het bevat bijvoorbeeld de 6 criteria die de kenmerkende eigenschappen van ZEISS kwaliteit vormen:



  1. Carl Zeiss is gecertificeerd op DIN EN ISO 9001/2000. Deze certificering gaat veel verder dan de naleving van de minimum wettelijke eisen van het CE-waarmerk en omvat niet alleen strenge eisen aan het product zelf, maar ook aan het personeel dat het product vervaardigt of verwerkt.
  2. We garanderen dat de optische kwaliteit van onze glazen prioriteit heeft boven alle andere productcriteria.
  3. De Interne testspecificaties van ZEISS overtreffen de eisen van de relevante normen.
  4. ZEISS biedt u ook brillenglazen aan in zeer hoge of ongebruikelijke sterktes. En de vele verschillende coatings zijn ook beschikbaar voor deze sterktes.
  5. U kunt er zeker van zijn dat brillenglazen van ZEISS op lange termijn altijd beschikbaar zullen zijn en dat u dus ook in de toekomst voor uw ogen optimale brillenglazen met langdurig geteste kwaliteit kunt verkrijgen.
  6. Wij zorgen ervoor dat ZEISS brillenglazen alleen worden aangemeten door geselecteerde opticiens.

Zachtjes aan!

Zachtjes aan!

De beste manier om uw brillenglazen te reinigen is door ze onder koud stromend water te houden met een pH-neutraal schoonmaakmiddel. Vuile deeltjes worden er dan gewoon afgespoeld en kunnen geen schade aan het oppervlak toebrengen wanneer de glazen met een zachte, schone doek worden afgedroogd. Voor het reinigen van uw brillenglazen als u niet thuis bent, bevelen wij de microvezeldoekjes en het speciale ZEISS glasreinigingsmiddel aan. Andere stoffen zouden de glazen kunnen krassen.
Belangrijk: Uw glazen niet aan hoge temperaturen blootstellen van boven de 80˚C (bijv. in de sauna of op het dashboard van de auto in de zomer).

Verdere informatieVerdere informatie
SluitenSluiten

5. DIN EN ISO 14889

DIN EN ISO 14889

Basisvereisten
Deze norm die met medewerking van internationale experts is uitgewerkt, beschrijft de fundamentele eisen ten aanzien van het uiteindelijke ongefacetteerde brillenglas. Deze eisen betreffen naast bepalingen over de fysiologische tolerantie, ook ontvlambaarheid, het testen van mechanische stevigheid en de transmissiegraad van uiteindelijke ongefacetteerde brillenglazen.

Extra eisen ten aanzien van brillenglazen voor gebruik door automobilisten
De transmissiegraad, vooral de eisen die worden gesteld aan brillenglazen voor automobilisten, is van het hoogste belang niet alleen voor Carl Zeiss als glasproducent, maar ook voor de opticien.
Wanneer klanten om cosmetische of medische redenen glazen willen aanschaffen die niet geschikt zijn voor gebruik in het verkeer of autorijden in het donker, is de opticien verplicht de klant hierover in te lichten. De opticien dient daarbij te benadrukken dat niet alleen de intensiteit van de tint invloed heeft op de geschiktheid van een bepaald brillenglas voor gebruik in het verkeer, maar ook de capaciteit van het glas voor transmissie van bepaalde golflengtes. Een glas met een bepaald filtereffect kan bijvoorbeeld 'helder' genoeg lijken om in de schemering of in het donker mee te rijden, maar kan de kleur van een verkeerslicht zodanig beïnvloeden dat het niet geschikt is voor autorijden.

Verdere informatieVerdere informatie
SluitenSluiten

6. Brillenglazen voor autorijden

Brillenglazen voor autorijden

Transmissiecurven voor F 451 en F 452. Deze speciale filterglazen voldoen aan de extra eisen (τ 500-650, Q rood, Q geel) die worden gesteld aan brillenglazen voor gebruik in het verkeer

Extra eisen ten aanzien van brillenglazen voor gebruik door automobilisten

  • Brillenglazen die voor autorijden bij daglicht worden gebruikt, moeten in het doorkijkpunt een lichttransmissiegraad τν van > 8% hebben als een bestralingsbron voor standaardlicht D 65 wordt gebruikt.
  • Brillenglazen die voor autorijden in het donker worden gebruikt, moeten in het doorkijkpunt een lichttransmissiegraad τν van > 75% hebben als een bestralingsbron voor standaardlicht D 65 wordt gebruikt.
  • De spectrale transmissiegraad τ (λ) van het brillenglas mag bij geen enkele golflengte in het gebied van 500 nm tot 650 nm kleiner zijn dan het 0,2-voudige van de lichttransmissiegraad τν.
  • Het relatieve visuele verzwakkingsquotiënt Q mag voor rood en geel niet kleiner dan 0,8, voor groen niet kleiner dan 0,6 en voor blauw niet kleiner dan 0,4 zijn.

Natuurlijk zijn alle brillenglazen die door Carl Zeiss worden geleverd getest en geëtiketteerd in navolging van de bepalingen in deze norm (geschiktheid voor gebruik in het verkeer / autorijden in het donker, volgens DIN EN ISO 14889).

Bovendien voldoen alle ZEISS glazen aan de minimumeisen wat betreft mechanische stevigheid, ontvlambaarheid en fysiologische compatibiliteit.

Beginselen van transmissievereisten aan brillenglazen

Relatieve spectrale straling van standaard-lichtsoort D 65 afhankelijk van golflengte

Beginselen van transmissievereisten aan brillenglazen

  • Lichttransmissiegraad τν
    Onder de lichttransmissiegraad τν verstaan we de verhouding van de door het brillenglas doorgelaten lichtstroom ten opzichte van de lichtstroom die aankomt bij het brillenglas, waarbij met de mate van de spectrale lichtgevoeligheidsgraad V(λ) van het oog bij daglicht rekening wordt gehouden.
  • Spectrale transmissiegraad  τ(λ)
    De spectrale transmissiegraad τ(λ)is de verhouding van de spectrale stralingsbundel, die door het brillenglas wordt doorgelaten, ten opzichte van de stralingsstroom die bij het brillenglas aankomt, voor een bepaalde golflengte λ.
  • Standaard-lichtsoort D 65
    De standaard-lichtsoort D 65 staat voor gemiddeld daglicht met de kleurtemperatuur 6500 K en wordt meestal door xenonlampen met filters gerealiseerd.
  • Verzwakkingsquotiënt Q
    Het relatieve visuele verzwakkingsquotiënt Q geeft de verhouding weer van de lichttransmissiegraad van een gekleurd brillenglas voor de spectrale stralingsverdeling van het licht dat van een verkeerslicht tsign uitgaat, ten opzichte van de lichttransmissiegraad van hetzelfde brillenglas voor de standaardlichtsoort D 65. Q zegt dus niets over de kleurwaarneming door het brillenglas, maar deze waarde geeft aan of de luminantie van een verkeerslicht tegenover de omgevingsluminantie sterker of minder sterk wordt afgezwakt (Q kleiner of groter dan 1).
  • Lichtgevoeligheid van het oog bij daglicht τ(λ)
    De mate van lichtgevoeligheid τ(λ)is de vastgestelde, relatieve spectrale gevoeligheid van het aan het licht geadapteerde normale oog, waarvan de maximale waarde gerelateerd is aan λ = 555 nm in de lucht.
Verdere informatieVerdere informatie
SluitenSluiten

7. Andere normen

Andere normen

Andere normen voor de optometrie

Naast DIN EN ISO 14889 zijn er meer normen die ook voor de opticien van wezenlijk belang zijn of die in meer detail op de afzonderlijke eisen met betrekking tot de verschillende brillenglazen ingaan:

  • DIN EN ISO 8980-1 eisen voor wat betreft monofocale- en meervoudige brillenglazen
  • IN EN ISO 8980-2 eisen voor wat betreft multifocale brillenglazen
  • DIN EN ISO 8980-3 eisen met betrekking tot transmissie met keuringsmethode
  • DIN EN ISO 13666 optometrische begrippen en definities
  • DIN EN ISO 12870 Brilmonturen met ontwerptypes en definities
 

Deze website maakt gebruik van cookies. Cookies zijn kleine tekstbestanden die door websites op uw computer opgeslagen worden. Cookies worden veelvuldig gebruikt en helpen webpagina's met een geoptimaliseerde weergave en het verbeteren daarvan. Door gebruik te maken van onze webpagina's gaat u daarmee akkoord. meer

OK